Kabinet presenteert fiscale wijzigingen box 3, koopkracht en sociale zekerheid
Het kabinet heeft een aangepast begrotingsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd. De voorstellen omvatten aanpassingen in box 3, box 2 en de sociale zekerheid.
Vermogenswinstbelasting
Het kabinet kiest voor een structurele oplossing in box 3 door over te stappen op een vermogenswinstbelasting, waarbij winst wordt belast bij uitkering in plaats van op papier. Dit moet het belastingstelsel beter laten aansluiten bij de economische werkelijkheid.
- Vanaf 2027: Het heffingsvrije vermogen in box 3 wordt teruggebracht naar het niveau van 2020, namelijk € 30.846. Ook wordt het forfait voor overige bezittingen, inclusief huurinkomsten en voordelen uit eigen gebruik van onroerende zaken, met 1,5 procentpunt verhoogd.
- Vanaf 2028: De vermogenswinstbelasting wordt uitgebreid naar alle financiële instrumenten, zoals aandelen, obligaties en opties. Dit betekent dat voor ongeveer 90% van het vermogen met waardeontwikkeling in box 3 een vermogenswinstbelasting geldt. Vanaf dit jaar geldt ook een heffingsvrij resultaat van € 1.000.
- Vanaf 2030: De overstap naar een volledige vermogenswinstbelasting voor alle vermogensbestanddelen.
Ter dekking van deze voorstellen wordt het hoge tarief in box 2 vanaf 2027 tijdelijk verlaagd naar 29,2% voor vier jaar. Dit moet ondernemers stimuleren om meer winst uit hun bedrijf op te nemen. Daarnaast wordt de mogelijkheid om uit een eigen bv te lenen in vijf stappen van € 80.000 beperkt van € 500.000 naar € 100.000, met uitzondering van leningen voor een eigen woning.
Koopkracht en sociale zekerheid
Om de koopkracht te stimuleren en werken meer te laten lonen, neemt het kabinet aanvullende maatregelen. De arbeidskorting wordt minder verhoogd, namelijk met € 133 in plaats van € 173. De inkomensgrens voor het toptarief wordt verhoogd van € 78.426 naar € 80.578. Wat betreft de sociale zekerheid zijn de eerder voorgenomen bezuinigingen op arbeidsongeschiktheids- en werkloosheidsuitkeringen voor dit jaar van tafel. Het kabinet wil met werkgevers en vakbonden een sociaal akkoord sluiten over hervormingen van deze uitkeringen.
Overige voorstellen
Andere voorstellen en gespreksthema's zijn onder meer:
- Verlaging van de accijns op benzine en diesel in 2027 en 2028 met in totaal € 2,1 miljard.
- Verlaging van de vliegbelasting.
- Extra investeringen in (regionale) infrastructuur.
- Een fiscale investeringsreserve voor de agrarische sector.
- Tijdelijke verlaging van de vrachtwagenheffing en motorrijtuigenbelasting voor bestelauto's.
- Gesprekken met de oppositie over medisch-ethische vraagstukken, migratie, het stikstofpakket en zorgfraude.
Ook interessant voor jou
Een ondernemer kan de omzetbelasting, die door andere ondernemers aan hem voor door hen verrichte leveringen en diensten in rekening is gebracht, in aftrek brengen. Voorwaarde is dat de goederen en diensten door de ondernemer worden gebruikt in het kader van zijn onderneming. Volgens de Hoge Raad geldt in beginsel de persoon aan wie door een ondernemer een factuur is uitgereikt waarin hij wordt genoemd als degene aan wie de levering of dienst is verricht als afnemer van de prestatie. Behoudens tegenbewijs is deze persoon degene die recht heeft op aftrek van voorbelasting indien aan de voorwaarden daarvoor is voldaan.
Een bv kocht een auto voor een bedrag van € 85.000. In dit bedrag was € 13.245 aan omzetbelasting begrepen. De bv heeft dit bedrag aan omzetbelasting als voorbelasting in mindering gebracht op de aangifte omzetbelasting. Een maand later verkocht de bv de auto aan haar dga voor € 15.000, inclusief € 1.122 aan omzetbelasting. De auto is door de oorspronkelijke verkoper direct geleverd aan de dga. Na een boekenonderzoek heeft de Belastingdienst de aftrek van voorbelasting bij de bv gecorrigeerd door het opleggen van een naheffingsaanslag. De correctie bedroeg per saldo € 12.123.
In de procedure over de naheffingsaanslag was onder meer in geschil of de bv ter zake van de levering van de auto recht heeft op aftrek van voorbelasting. Een ander punt van geschil was of het verschil tussen aan- en verkoopprijs van de auto, dat als verkapte dividenduitkering is aangemerkt, onderdeel is van de vergoeding voor de overdracht van de auto aan de dga. De rechtbank diende daarnaast de vraag te beantwoorden of sprake is van misbruik van recht, waardoor geen recht bestaat op aftrek van voorbelasting en of de vergrijpboete terecht is opgelegd.
De rechtbank stelde vast dat de factuur op naam van de bv is gesteld en dat zij daarin wordt verplicht die factuur te betalen. Niet in geschil is dat de bv de factuur heeft voldaan. De Belastingdienst betwistte dat de bv de afnemer van de auto is. Het is daarom aan de Belastingdienst om te bewijzen dat de levering van de auto niet aan de bv is verricht. De Belastingdienst wees erop dat het kenteken van de auto niet op naam van de bv is gesteld en dat de auto niet is gebruikt binnen de onderneming van de bv. De auto is bij de oorspronkelijke verkoper blijven staan tot na het moment waarop deze was doorverkocht door de bv aan de dga. De bv heeft geen nader bewijs aangedragen waaruit blijkt dat zij de afnemer is van de auto. De naheffingsaanslag is daarom terecht en niet te hoog opgelegd.
Hoewel het kabinet demissionair is en het Belastingplan dus beleidsarm, is het totale pakket aan wetsvoorstellen omvangrijker dan ooit tevoren. Het pakket Belastingplan 2024 bestaat uit niet minder dan 15 wetsvoorstellen, met een breed palet aan maatregelen op verschillende terreinen. Het eigenlijke wetsvoorstel Belastingplan 2024 omvat zoals gebruikelijk maatregelen met een budgettair effect.
Gelet op de demissionaire status van het kabinet en met de verkiezingen in aantocht is de vraag wat er van al deze plannen terecht komt. De verwachting is dat alle partijen zich zullen willen profileren en hun stempel drukken op de uiteindelijke maatregelen.