Schadevergoeding van bv op privérekening is afkoop pensioen
Een bv ontvangt een schadevergoeding van bijna € 700.000 na een civiele procedure. Het bedrag wordt gestort op de privérekening van de dga. De inspecteur merkt een deel van de onttrekking aan als afkoop van pensioen in eigen beheer. De dga stelt dat de schadevergoeding helemaal niet aan de bv toekomt. Bovendien betwist hij dat de aanslag tijdig is opgelegd. Houdt de aanslag stand?
Schadevergoeding
Een dga houdt alle aandelen in een bv die een pensioenverplichting jegens hem heeft. De fiscale balanswaarde van deze verplichting bedraagt € 229.238. De bv lijdt schade door bouwwerkzaamheden van een bouwbedrijf. Na een civiele procedure en het faillissement van het bouwbedrijf sluiten partijen een vaststellingsovereenkomst. De bv ontvangt een schadevergoeding van € 692.062. Dit bedrag wordt echter gestort op een bankrekening ten name van de dga zelf. De inspecteur merkt een deel van de onttrekking aan als afkoop van pensioenaanspraken. De dga betwist dat de schadevergoeding tot het vermogen van de bv behoort.
Aanslagtermijn
Daarnaast stelt de dga dat de aanslag te laat is opgelegd. De inspecteur heeft namelijk een informatiebeschikking gegeven, waardoor de aanslagtermijn is verlengd. Volgens de dga levert dit misbruik van bevoegdheid op. Het hof oordeelt dat de aanslag tijdig is opgelegd. De normale aanslagtermijn van drie jaar is verlengd met de duur van het verleende uitstel én met de periode tussen de informatiebeschikking en het onherroepelijk worden daarvan. Van misbruik van bevoegdheid is geen sprake, omdat het hof in een eerdere procedure al heeft geoordeeld dat de informatiebeschikking terecht is gegeven.
Afkoop van pensioen
Ten aanzien van de schadevergoeding staat inmiddels tot aan de Hoge Raad vast dat deze een belastbare bate is voor de bv. Nu het bedrag op de privérekening van de dga is gestort en hij niet voornemens is dit terug te betalen, heeft hij het vermogen aan de bv onttrokken. Het hof oordeelt dat de dga een deel van dit bedrag heeft onttrokken als afkoop van pensioen in eigen beheer. De afkoopwaarde is terecht als loon uit vroegere dienstbetrekking belast. Het maakt hierbij niet uit of de dga de onttrekking zelf zo heeft bedoeld. Beslissend is dat de dga een bedrag aan de bv onttrekt, terwijl de bv een pensioenverplichting jegens hem heeft.
Dga’s met een pensioen in eigen beheer moeten er rekening mee houden dat geldstromen van de bv naar privé fiscaal kunnen worden gekwalificeerd als afkoop, met alle gevolgen van dien.
Ook interessant voor jou
Een ondernemer kan de omzetbelasting, die door andere ondernemers aan hem voor door hen verrichte leveringen en diensten in rekening is gebracht, in aftrek brengen. Voorwaarde is dat de goederen en diensten door de ondernemer worden gebruikt in het kader van zijn onderneming. Volgens de Hoge Raad geldt in beginsel de persoon aan wie door een ondernemer een factuur is uitgereikt waarin hij wordt genoemd als degene aan wie de levering of dienst is verricht als afnemer van de prestatie. Behoudens tegenbewijs is deze persoon degene die recht heeft op aftrek van voorbelasting indien aan de voorwaarden daarvoor is voldaan.
Een bv kocht een auto voor een bedrag van € 85.000. In dit bedrag was € 13.245 aan omzetbelasting begrepen. De bv heeft dit bedrag aan omzetbelasting als voorbelasting in mindering gebracht op de aangifte omzetbelasting. Een maand later verkocht de bv de auto aan haar dga voor € 15.000, inclusief € 1.122 aan omzetbelasting. De auto is door de oorspronkelijke verkoper direct geleverd aan de dga. Na een boekenonderzoek heeft de Belastingdienst de aftrek van voorbelasting bij de bv gecorrigeerd door het opleggen van een naheffingsaanslag. De correctie bedroeg per saldo € 12.123.
In de procedure over de naheffingsaanslag was onder meer in geschil of de bv ter zake van de levering van de auto recht heeft op aftrek van voorbelasting. Een ander punt van geschil was of het verschil tussen aan- en verkoopprijs van de auto, dat als verkapte dividenduitkering is aangemerkt, onderdeel is van de vergoeding voor de overdracht van de auto aan de dga. De rechtbank diende daarnaast de vraag te beantwoorden of sprake is van misbruik van recht, waardoor geen recht bestaat op aftrek van voorbelasting en of de vergrijpboete terecht is opgelegd.
De rechtbank stelde vast dat de factuur op naam van de bv is gesteld en dat zij daarin wordt verplicht die factuur te betalen. Niet in geschil is dat de bv de factuur heeft voldaan. De Belastingdienst betwistte dat de bv de afnemer van de auto is. Het is daarom aan de Belastingdienst om te bewijzen dat de levering van de auto niet aan de bv is verricht. De Belastingdienst wees erop dat het kenteken van de auto niet op naam van de bv is gesteld en dat de auto niet is gebruikt binnen de onderneming van de bv. De auto is bij de oorspronkelijke verkoper blijven staan tot na het moment waarop deze was doorverkocht door de bv aan de dga. De bv heeft geen nader bewijs aangedragen waaruit blijkt dat zij de afnemer is van de auto. De naheffingsaanslag is daarom terecht en niet te hoog opgelegd.
Hoewel het kabinet demissionair is en het Belastingplan dus beleidsarm, is het totale pakket aan wetsvoorstellen omvangrijker dan ooit tevoren. Het pakket Belastingplan 2024 bestaat uit niet minder dan 15 wetsvoorstellen, met een breed palet aan maatregelen op verschillende terreinen. Het eigenlijke wetsvoorstel Belastingplan 2024 omvat zoals gebruikelijk maatregelen met een budgettair effect.
Gelet op de demissionaire status van het kabinet en met de verkiezingen in aantocht is de vraag wat er van al deze plannen terecht komt. De verwachting is dat alle partijen zich zullen willen profileren en hun stempel drukken op de uiteindelijke maatregelen.